Vaak staat er inderdaad iets in het contract. Of dat genoeg is, hangt af van drie vragen, en in de praktijk struikelt het meestal op de derde.
Wij zouden niet zeggen dat u moet overstappen. Veel arbodienstcontracten noemen een vertrouwenspersoon, en soms is dat prima geregeld. Maar “het staat erin” en “een medewerker kan er terecht” zijn twee verschillende dingen. Dit zijn de vragen waarmee u dat verschil zichtbaar maakt.
De vertrouwenspersoon van een arbodienst werkt vaak bij dezelfde organisatie die ook uw verzuim begeleidt. Voor een medewerker is dat geen neutrale plek: hij weet dat diezelfde partij rapporteert over ziekmeldingen. Bij deze rol is onafhankelijkheid geen formaliteit maar de hele werking ervan. Wie twijfelt of zijn verhaal ergens anders terechtkomt, vertelt het niet.
Dat is ook precies waarom een interne HR-collega zelden werkt als vertrouwenspersoon: die gaat immers ook over dossier, verzuim en beoordeling. Meer over intern en extern →
U hoeft niets op te zeggen. Een externe vertrouwenspersoon met een eigen, beveiligd meldpunt kan naast uw arbodienstcontract bestaan, precies voor de gevallen die daar niet terechtkomen: de melding over een leidinggevende, en de melding die iemand liever niet telefonisch doet.
Bij ons wordt de inhoud van een melding versleuteld in de browser van de melder. Alleen de vertrouwenspersoon en zijn vaste vervanger kunnen haar lezen, wij niet en u niet. Dat is geen belofte in een privacyverklaring maar een eigenschap van de techniek. Hoe dat werkt →
Let op dat dit iets anders is. Heeft u 50 of meer werknemers, dan bent u verplicht een interne meldprocedure te hebben, met drie meldkanalen en harde termijnen. Dat zit vrijwel nooit in een arbodienstcontract. Wat het verschil precies is →
Vul uw aantal medewerkers en uw cao in, en u ziet welke verplichtingen er voor uw organisatie gelden.